Voor vijftig euro verwacht je geen DAC. Toch heeft JBL er stilletjes een ingebouwd in de Go 5. Sluit je hem via USB-C aan op een laptop of telefoon, dan verwerkt de speaker het audiosignaal zelf digitaal-naar-analoog - zonder de compressie van Bluetooth. Lossless geluid uit een speaker zo groot als een bierblikje.
Wat je krijgt voor vijftig euro
De JBL Go 5 verscheen op 26 april 2026 als opvolger van de Go 4. Op het eerste gezicht vallen de verschillen mee: dezelfde 45mm driver, vergelijkbaar formaat (101 x 77 x 43 millimeter, 230 gram). Maar de details tellen. Het vermogen steeg van 4,2 naar 4,8 watt, Bluetooth ging van versie 5.3 naar 6.0, en de equalizer heeft nu zeven banden in plaats van vijf. De vraagprijs is 54,95 dollar - in Europa ergens rond de vijftig euro.
De Go-serie is al jaren de instapper bij JBL: klein, goedkoop, altijd in je rugzak. Die reputatie klopt nog steeds. Wat de vijfde generatie verandert: JBL geeft hem iets extra's mee voor gebruikers die meer willen dan "redelijk geluid voor buiten".
Bluetooth 6.0 en LC3: waarom dat meer is dan marketingpraat
Bluetooth 6.0 is op zichzelf al een stap vooruit. De Go 5 ondersteunt naast de gangbare SBC en AAC ook de LC3-codec, die betere geluidskwaliteit levert bij lagere bitrates. Concreet: minder artefacten bij een zwakkere verbinding, schonere audio als je telefoon minder bereik heeft. Dat hoor je niet altijd, maar op een druk terras of bij een festival met veel draadloos verkeer merk je het verschil.
Bluetooth 6.0 brengt ook lagere latentie mee, wat handig is als je de speaker voor video gebruikt. Geen perfecte synchronisatie, maar merkbaar beter dan wat oudere versies opleverden.
AirTouch: stereo koppelen in één tik
Nieuw in de Go 5 is AirTouch. Tik twee Go 5-speakers op elkaar en ze koppelen zichzelf direct als stereostel. Geen app, geen menu's. In de praktijk werkt het snel en betrouwbaar - fijn als je twee speakers neerzet in een slaapkamer of op het terras.
Met de Go 4 was stereokoppeling ook al mogelijk via de JBL Portable-app, maar dat vergde meerdere stappen. AirTouch maakt het net zo makkelijk als twee magneten samendrukken. Een klein verschil, maar een dat je bij dagelijks gebruik waardeert.
Overigens is de Go 5 een heel ander apparaat dan JBL's grotere modellen. Wil je echt volume voor buiten, lees dan ook wat de JBL Xtreme 5 kan - dat ding levert 130 watt en mag letterlijk in het zwembad.
IP68 en verlichtingsstrips: meer dan een mooi verhaal
IP68 betekent dat de Go 5 tot 1,5 meter diep kan worden ondergedompeld, dertig minuten lang. Hij is ook stof- en stootbestendig. Voor een speaker van vijftig euro is dat serieus. Veel concurrenten in dit segment stoppen bij IPX7 - waterdicht, maar niet stofdicht, en bij een geringere diepte.
Op de voorkant heeft JBL twee smalle verlichtingsstrips toegevoegd. De kleur is niet aanpasbaar, maar ze geven de speaker wat persoonlijkheid. En als je hem in het donker op een tafel zoekt, zijn ze handig. Klein detail, maar fijn.
Wat er ontbreekt
Geen microfoon. De Go 5 is niet geschikt om te bellen. Dat is een bewuste keuze: de Go-serie richt zich op muziek, niet op handsfree. Wie dat wil, kijkt beter naar de JBL Flip 7 of de Charge 6.
De batterijduur staat op acht uur standaard, of tien uur met Playtime Boost, die het volume iets verlaagt om meer uit de accu te halen. Een uur meer dan de Go 4, maar voor een weekend weg wil je een powerbank meenemen. De bas is compact en begrensd - verwacht geen diepe tonen. Wat je krijgt is helder geluid met solide middentonen en genoeg volume voor een kleine ruimte of een stil terras.
In het bredere landschap van draadloze speakers speelt de Go 5 zijn prijs uit. Een Bose SoundLink Flex gaat voor zo'n 150 euro van de hand. De Bose Lifestyle Ultra zit nog een niveau daarboven. De JBL Go 5 speelt in een ander, veel betaalbaarder segment, maar levert op zijn prijs weinig in.
Waarom de ingebouwde DAC alles verandert
De USB-C DAC-functie is het onderscheidende detail van deze generatie. Sluit de Go 5 aan op je laptop voor thuiswerk, en je omzeilt de Bluetooth-compressie volledig. Het digitale audiosignaal gaat rechtstreeks naar de speaker, die het zelf converteert naar analoog. Dat levert betere klankkwaliteit op dan welke Bluetooth-verbinding dan ook.
Voor muziek op de achtergrond bij een scherm is dat een aardige bonus - zeker als je toch al een USB-C-kabel gebruikt om de speaker op te laden. Opladen en lossless afspelen tegelijk, via dezelfde poort.
De Go 5 is geen audiofiele speaker en wil dat ook niet zijn. Maar dat ene detail maakt hem interessanter dan zijn prijskaartje doet vermoeden. Als je zoekt naar een compacte speaker die dagelijks mee gaat, IP68 aankan, en ook nog eens lossless geluid levert als je wil: voor vijftig euro bestaat er weinig dat beter scoort op al deze punten tegelijk. En dat is precies wat de Go-serie al jaren doet - alleen doet hij het nu net wat slimmer.
Wil je verder kijken naar gadgets die lang meegaan en hun prijs waard zijn? Bekijk ook onze selectie van gadgets die je maar één keer aanschaft.