Even was het hout de baas, daarna beton, en de laatste jaren regeerde het strakke wit van eindeloze marmerlook. Dit jaar duikt er ineens overal iets anders op: terracotta. Niet de rommelige oranje vloer die je bij je opa in de keuken zag, maar een verfijnde versie die opduikt op vloeren, in badkamers en zelfs op je open haard.
Designers noemen het geen hype maar een correctie. Na jaren van koud, strak en wit wil iedereen ineens een huis dat aanvoelt alsof er mensen wonen. Terracotta doet dat bijna vanzelf.
Waarom terracotta ineens overal opduikt
De verklaring is simpel: mensen zijn klaar met steriele interieurs. Waar de afgelopen jaren draaiden om grijs, wit en beton, kiezen ontwerpers nu bewust voor materialen met een verhaal. Terracotta, letterlijk "gebakken aarde", is zo oud als de bouwkunst zelf en voelt daardoor nooit nep aan, in tegenstelling tot pakweg een laminaat dat hout imiteert.
Het materiaal komt niet alleen terug in de vorm die je kent uit een Toscaanse boerderij. Fabrikanten spelen met zeshoekige tegels, langgerekte zellige-vormen en zachtere, meer gedempte tinten dan de felle oranje van vroeger. Het resultaat oogt volwassener en past net zo goed in een strak herenhuis als in een landelijke keuken.
Niet de rommelige tegels van je opa's keuken
Het grote verschil met de terracotta van twintig jaar geleden zit in de afwerking. Toen was het vaak glimmend, dik geglazuurd en in een felle baksteenkleur. De 2026-versie is mat, subtiel en komt in tinten die dichter bij zand, leem of roest liggen. Sommige tegels zijn zelfs van porselein maar imiteren de textuur van gebakken klei zo goed dat je het verschil pas voelt als je erop knielt.
Dat maakt het praktischer ook. Echte terracotta moet je regelmatig impregneren om vlekken te voorkomen, terwijl een porseleinen variant nauwelijks onderhoud vraagt. Voor een badkamer of keuken, waar water en vet dagelijks een aanslag doen op je vloer, is dat een serieus verschil.
Waar het werkt in huis
Terracotta beperkte zich lange tijd tot de keuken of een patio, maar duikt nu overal op. In de badkamer zie je het steeds vaker in een visgraatpatroon op de vloer, gecombineerd met een donkere wastafel. In de woonkamer verschijnt het als vloerbedekking rond de open haard, waar de warme kleur mooi samenwerkt met hout en linnen. Zelfs slaapkamers krijgen inmiddels terracotta accenten, meestal in de vorm van een enkele muur of een nis.
Wie z'n woonkamer al heeft aangepakt met oversized meubels, merkt dat terracotta daar verrassend goed bij past. Het grote, robuuste meubilair vraagt om een ondergrond die net zo veel karakter heeft, en een gladde witte vloer voelt dan al snel kil aan.
Hoe je het combineert zonder vakantiehuisje-gevoel
Het risico van terracotta is dat het al snel te veel Mediterraans aanvoelt, alsof je zo een appartement in Puglia hebt binnengelopen. De oplossing zit in de combinatie. Stileer het met metalen accenten zoals koper of messing, en houd de rest van de ruimte relatief rustig. Denk aan zwart staal, donker hout en textiel in neutrale tinten.
Wie eerder al koos voor een gedurfde verftruc met één kleur over de hele kamer, kan terracotta juist gebruiken als tegenhanger: laat de muren rustig en laat de vloer het werk doen. Andersom werkt ook, een terracotta muur met een neutrale vloer eronder oogt net zo goed.
Materiaalkeuze blijft hierbij belangrijk. Net als bij de opmars van travertin in badkamers zie je dat mensen weer op zoek zijn naar natuurlijke materialen die met de jaren mooier worden in plaats van slijten. Terracotta en travertin combineren trouwens verrassend goed: de een brengt warmte, de ander brengt textuur.
Echt of imitatie, dat maakt nogal wat uit
Voor wie het overweegt, is de keuze tussen authentieke terracotta en een porseleinen kijk-op-terracotta niet triviaal. Echte terracotta, van oorsprong een techniek die al duizenden jaren wordt gebruikt, absorbeert vocht en kan barsten bij vorst, dus buiten toepassen vraagt om de juiste voorbereiding. Op Wikipedia lees je meer over hoe het materiaal al eeuwen wordt gebakken en toegepast, van Romeinse dakpannen tot moderne vloertegels.
Porselein daarentegen kun je overal leggen, van een natte badkamer tot een keukenvloer met vloerverwarming, zonder dat je bang hoeft te zijn voor scheuren. Het compromis: je betaalt voor het gemak met net iets minder van die ruwe, imperfecte textuur die authentieke terracotta juist zo aantrekkelijk maakt.
Dit is hoe je begint zonder je hele huis te verbouwen
Je hoeft niet meteen je woonkamer te slopen om mee te gaan in deze trend. Een kleine ruimte zoals een gang, toilet of bijkeuken is de goedkoopste manier om te testen of je het na een half jaar nog steeds mooi vindt. Werkt dat, dan is de keuken vaak de volgende logische stap, gevolgd door de badkamer.
Het slimste is om te beginnen bij een ruimte die toch al aan vervanging toe is. Terracotta is namelijk geen trend die je over vijf jaar weer weg moet halen, in tegenstelling tot de grijze visgraatvloer die inmiddels overal hangt. Het is een materiaal dat al eeuwen meegaat, en dat is precies waarom het nu terugkomt.