Vlakke, gladde wanden zijn ineens saai. Interieurontwerpers zien voor 2026 een duidelijke verschuiving: muren, kastfronten en zelfs plafonds krijgen reliëf. Gegroefd hout, ook wel geribbelde of gefreesde panelen genoemd, duikt op in showrooms, restaurants en steeds vaker ook in gewone Nederlandse woonkamers. Het is geen nieuw materiaal, maar de manier waarop het wordt toegepast wel: breder uit elkaar geplaatste groeven, diepere sneden en combinaties met steen of beton die je vroeger nooit naast hout zag.
Waarom een vlakke muur ineens goedkoop oogt
Het gaat allemaal om textuur. Waar de afgelopen jaren strakke, egale oppervlakken de norm waren, voelt dat nu al snel kaal aan. Licht dat over een geribbeld paneel valt, werpt kleine schaduwen tussen de groeven, en dat geeft een muur diepte zonder dat je een schilderij hoeft op te hangen. Vergelijk het met lambrisering, dat eeuwenlang werd gebruikt om kale muren op te warmen. Gegroefd hout is de moderne, minimalistische versie daarvan.
Wie de donkere houtstijl in zijn woonkamer al heeft omarmd, ziet de logica meteen: het gaat niet meer om welk hout je kiest, maar om hoe het aanvoelt als je er met je hand overheen gaat.
Waar je het het beste toepast
Je hoeft niet meteen een hele kamer te bekleden. De meest gebruikte toepassingen zijn:
- Een accentwand achter de bank of het bed, vaak in eikenhout of walnoot
- Kastfronten in de keuken of hal, waarbij de groeven horizontaal lopen voor een rustiger effect
- Een plafondstrook boven de eettafel, gecombineerd met inbouwspots die de schaduwlijnen extra laten opvallen
- Een radiatorombouw, waar het paneel meteen ook een praktisch probleem oplost
Combineer het met rustige, egale materialen eromheen. Zet je een geribbelde wand naast een drukke kleurenmix, dan verdrinkt het effect. Wie recent overwoog om zijn hele kamer in één kleur te dompelen via color drenching, kan gegroefd hout juist inzetten als rustpunt tussen de kleurvlakken.
Wat het kost en hoe je het installeert
Kant-en-klare geribbelde panelen, meestal MDF met een houtfineer, kosten bij de bekende bouwmarkten tussen de 25 en 60 euro per vierkante meter, afhankelijk van de houtsoort en de diepte van de groeven. Massief eiken of walnoot loopt al snel op tot boven de 150 euro per vierkante meter. De panelen zijn met montagelijm en een paar schroeven in een middag te plaatsen, ook als je geen ervaren klusser bent. Zorg wel dat de muur eronder vlak is, anders zie je dat terug in de schaduwlijnen.
Wil je het zonder verbouwing testen, dan zijn er inmiddels ook zelfklevende stroken met dezelfde textuur. Die zijn minder duurzaam, maar prima om te zien of het effect bij je past voordat je investeert.
Meer dan alleen hout
Wat de trend voor 2026 onderscheidt van eerdere houtgolven, is dat het niet bij hout blijft. Designers combineren dezelfde groefstructuur nu ook met gestuukte muren, terrazzo en zelfs beton, waardoor je hetzelfde reliëf-effect krijgt zonder dat alles naar sauna gaat ruiken. Voor wie liever geen twee houtsoorten in één kamer mixt, is dat een uitkomst: een gegroefd betonnen paneel naast een houten vloer oogt strakker dan twee verschillende houttinten door elkaar.
Dat sluit ook aan bij een bredere verschuiving die je terugziet bij mensen die bewust hun meubels niet meer op elkaar laten matchen: het gaat minder om een uniforme set en meer om materialen die met elkaar in gesprek gaan.
Zo voorkom je dat het een sauna wordt
Het grootste risico is overdaad. Eén wand met textuur werkt, een hele kamer al snel niet. Houd de rest van de ruimte bewust rustig: effen stof op de bank, geen extra houttinten in de vloer of kastdeuren, en beperk je tot maximaal twee vlakken per kamer. Kies je voor de eettafel, laat de muren dan met rust. Kies je voor een accentwand in de woonkamer, dan is dat je enige gegroefde vlak in dat vertrek.
Het is een van die trends die, mits je hem met mate toepast, over vijf jaar nog steeds goed staat. En dat is precies waarom steeds meer Nederlandse woonkamers hem dit jaar krijgen: geen tijdelijke gimmick, maar een manier om een muur weer iets te laten doen.